Vernieuwingsdrang, jezelf uitdagen en de muziekwereld verrassen zijn begrippen die er al jaren voor zorgen dat de veelbesproken Poppy een interessante artieste is om te volgen. Elk album laat weer een heel andere kant van de zangeres horen die binnenkort headliner is op Headbangers Parade. Waar zou de Amerikaanse nu weer mee aankomen? Pop, metal, grunge, alternatieve rock, shoegaze, industrial, metalcore? Een combinatie daarvan? Waarop ligt dit keer de focus?
Hoewel er verschillende stijlen op deze zevende full-length de revue passeren, is metalcore de gemene deler. We horen invloeden van Spiritbox, Bad Omens, Bring Me The Horizon en dergelijke. Net als ten tijde van de twee jaar geleden uitgebrachte voorganger Negative Spaces lijkt de 31-jarige vocaliste zich thuis te voelen in de moderne metal en werkt ze voor de tweede keer samen met producer Jordan Fish (ex-Bring Me The Horizon). De daarop ingeslagen richting wordt voortgezet en dat resulteert in een min of meer dezelfde opzet met een paar interludes, een paar agressieve tracks, wat metalcoremeezingers en een grungy track. Maar er zijn ook verschillen. Zo is de nieuweling gestroomlijnder en schiet deze minder alle kanten op. Dat zorgt voor goed nieuws en kritiek.
Om met de kritiek te beginnen - al is die kritiek ook afhankelijk van smaak: het voelt allemaal wat veilig aan. Vooral op instrumentaal vlak gebeurt er niet veel bijzonders. Alles wat je hoort, is eigenlijk al eerder gedaan. Slechts af en toe wordt de aandacht op de instrumentatie gevestigd, zoals op de ritmiek en de bijdragen op synthesizer in Public Domain (à la The Beautiful People van Marilyn Manson) en The Wait. Andere momenten die in positieve zin opvallen zijn de goed geplaatste breakbeats in Unravel en de spierballenbeginriff van Bruised Sky, die er lekker inklapt.
Verder staat vrijwel alles in dienst van de zang. Dat is goed nieuws, want die is de grootste aantrekkingskracht. Poppy pakt de luisteraar in met haar kenmerkende, verleidelijke voordracht, uit duizenden herkenbare stem en pakkende zanglijnen in uitschieters als Bruised Sky en Unravel. Het is daarbij wel jammer dat er veel autotune gebruikt is. Dat doet afbreuk aan de emotionele beleving. Toch zal het wilde Dying To Forget (Knocked Loose-riffs en Babymetal-refrein) voor veel energie zorgen tijdens de optredens en laat je je lekker meevoeren op de vibe van Here To Stay (Korn) in Time Will Tell. Aan het einde van het titelnummer verrast ze nog even met een pigsqueal.
Poppy-fans zullen dit album zonder meer prima vinden omdat het vol staat met prettig in het gehoor liggende liedjes. Mensen die haar in het verleden een kans hebben gegeven, maar haar muziek niet kan bekoren, zullen hun mening niet bijstellen. Empty Hands is een van de meest samenhangende albums van Poppy met van begin tot eind moderne metal (op het grungy uitstapje Eat The Hate na). Dat die cohesie dan wat ten koste gaat van de experimenteerdrang nemen we dan maar op de koop toe.
Tracklist:
1. Public Domain
2. Bruised Sky
3. Guardian
4. Constantly Nowhere
5. Unravel
6. Dying To Forget
7. Time Will Tell
8. Eat The Hate
9. The Wait
10. If We're Following The Light
11. Blink
12. Ribs
13. Empty Hands





