Het antwoord is kennelijk Sungazer. Niet zo gek, want Plini leverde een gastbijdrage op het alweer uit 2014 stammende Against The Fall Of Night. De band met Adam Neely (de YouTuber die o.a. bekend werd met de 7-Eleven challenge) heeft nagedacht over kleding. Hoewel de bandleden individueel de meest tegenstrijdige en uiteenlopende maatsoorten bij elkaar proberen te brengen, wordt de eenheid visueel verzorgd doordat de heren allemaal een witblauwig shirt dragen, dat overigens niet altijd lekker werkt met de overwegend blauwe belichting.
Het soort complexe songs waarmee de Amerikanen op de proppen komt doorgaans leidt tot vrij statische shows. Enerzijds is het het publiek dat in een poging de ondoorgrondelijke muziek te volgen het hoofd moedig betracht op het juiste moment mee te knikken. Anderszijds zijn de artiesten doorgaans enigszins schuw en verdiepen zich introspectief in hun kunststukje op hun instrument. Zo niet vanavond. Adam moedigt het publiek enthouasiast en vol overgave aan tot participatie. Soms zelfs zo enthousiast dat je zou denken een metalcoreband te maken te hebben. Van introspectieve notenneukerij is dus geenszins sprake.
Sneaky overgangen van 5/8 naar 6/8 worden gulzig verorberd en er wordt op aangeven van de band voortreffelijk meegeklapt. Maar het meest indrukwekkende is toch wel de soort van line-dance die op uitnodiging van Adam door de hele zaal wordt meegedaan. Hij noemt het zelf de 'odd time signature two step'. Hoe maak je 10/8 beschikbaar voor een groot publiek? Nou zo dus. Dit soort fratsen doet denken aan het Duitse Panzerballet, dat op gelijke wijze alles makkelijk maakt wat moeilijk is, maar soms juist bewust andersom.
De professionaliteit spat er aan alle kanten van af. Dat de snaredrum tussendoor gewisseld wordt, lijkt welhaast onderdeel van de show, maar waarom zou je dat doen? Adam legt uit dat dat ding van de trailer was gevallen en daarbij toch blijkbaar wat schade opgelopen had. Die professionaliteit maakt wel dat het soms allemaal wat erg gecoördineerd overkomt. Zo zorgen de ingestudeerde pasjes er soms voor dat het allemaal wat klinisch overkomt, maar zoiets kan natuurlijk ook gewoon een artistieke keuze zijn. En sowieso... Een kniesoor die daarover zeurt. Hier zijn vaklui aan het werk! Sungazer heeft de maatsoortcalculatoren en ritmemeters van het publiek goed opgewarmd. En dat is wel nodig ook.
Want Plini kan er ook wat van. Toegegeven dat zijn songs wat meer gitaargeörienteerd zijn en bovendien meer gericht op melodie dan op ritme, is het toch ook voor de doorgewinterde muziekanalyticus regelmatig zoeken met welke telling we nu weer met een kluitje het riet in gestuurd worden. Maar wie liever niet verdwaalt in dit soort conservatoriumgeneuzel kan altijd gewoon nog naar 'het liedje an sich' luisteren en daarin toont hij zich meester. Ongeacht de muzikale capriolen die hij en zijn kompanen uithalen, wordt dat 'liedje an sich' nooit uit het oog verloren. Wat dat betreft combineert de gitaarvirtuoos zijn instrumententalenten dus met compositoir vakmanschap.
Beheerst werkt hij zich door zijn nummers heen. Soms introspectief en geconcentreerd, soms genietend van het publiek en zijn bandgenoten, of simpelweg genietend van het moment. Met dezelfde 'cool' praat hij de nummers regelmatig aan elkaar alsof hij in zijn vrije tijd ook nog een gevierd comedian is. Zo steekt hij de draak met zijn crewleden. Omdat het het laatste optreden van de tour is, neemt hij uitgebreid de tijd om ze te bedanken, beginnend bij het jongste lid, de lichtman, die voor het eerst in Europa is: "He probably never left Australia before, or even his house", constateert hij droog. Met even zo groot gemak drijft hij de spot met zichzelf door te constateren dat zijn iq aan het einde van de tour van 10 naar 1 is afgezakt. Hij doet denken aan de droge humor van Mikael Åkerfeldt (Opeth), waarmee hij op vergelijkbare wijze de lachers altijd weer op zijn hand weet te krijgen.
Als Meg zijn volgende gitaar aanreikt zegt hij blij te zijn dat de merchverkoper ook nog even ten tonele verschijnt en roept haar terug om ook haar te bedanken. "Merch is free now, guys". Ze is overduidelijk niet gewend aan zulke aandacht van het publiek en dat maakt Plini nog een stukje erger: "Let's make this as awkward as possible.", om vervolgens iedereen "Meg, Meg, Meg" te laten scanderen. Hoewel comedians - en bands in het algemeen - vaak dezelfde intro's voor nummers hebben en grappen op de tour herhalen, is het dit soort memorabele momenten waarvan je weet dat er niks ingestudeerds aan is.
Een welkome afwisseling met de muziek die tot in de puntjes uitgedokterd en geregisseerd is. Want met zulke muziek is er gewoon geen ruimte voor fuckups. Improvisatie is tot daar aan toe, maar uiteindelijk moet iedereen wel in de maat blijven. En laat dat maar aan Plini en zijn maten over. Met een steengoed geluid dat nóg lekkerder scheurt dan het op plaat al doet, laat hij zijn band schitteren. Dat maakt het ook makkelijker voor het publiek om te bewijzen dat Plini echt wel 'metal' is: er worden daartoe meermaals minutenlange moshpits gemobiliseerd. Dat vindt hij zelf ook wel een goeie en hij roept vervolgens op tot een wall of death alwaar hij twee van zijn crewleden naartoe dirigeert. Hilariteit alom.
Zo komt er een eind aan het optreden en een eind aan de tour. Iedereen, band en crew incluis, verlaat met een smile op het gezicht het Nijmeegse. Het was weer een gezellig avondje genieten van muzikaal meesterschap, cabaret en spelplezier. Tot de volgende keer!









